 |
Wonen op het water
Deze woonvorm heeft ook zijn specifieke "haken en ogen".
Dit vraagt om gespecialiseerde kennis van vakmensen die
het gevoel van waterwonen kennen.
Je kreeg vroeger moeilijk een
hypotheek voor een woonboot.
Tien jaar geleden viel het niet mee een goede financiering
voor een woonboot te krijgen. De geldverstrekkers wilden
geen risico lopen (wellicht dacht men dat je met zo'n
boot zomaar kan wegvaren zodat ze naar hun geld zouden
kunnen fluiten). Bij het bepalen van de taxatie- en executiewaarde
werd gekeken naar de (technische) waarde van de woonboot
zonder ligplaats. Het kon gebeuren dat je voor anderhalve
ton (toen nog in guldens) een woonboot wilde kopen en
maar voor 50 duizend gulden hypotheek kreeg. Die hypotheek
had dan soms maar een maximale looptijd van 10 of 15 jaar
en je betaalde vaak minimaal een procent meer rente dan
bij een woonhuis.
Een hypotheek net als bij een huis
op de wal is nu vaak mogelijk. In de loop der jaren hebben
diverse partijen zich ingezet voor het verbeteren van
de slechte financieringsmogelijkheden. Banken raakten
ervan overtuigd dat woonboten (met hun eigenaren) niet
zomaar met de noorderzon vertrokken en inclusief het recht
op ligplaats hun totale waarde behielden. Het resultaat
is dat goede financieringsmogelijkheden geboden worden,
die vaak gelijk zijn aan die van huizen op de wal, zeker
voor arken met een betonnen casco. Het aantal aanbieders
(banken) is echter beperkt. Onafhankelijke bemiddelaars
bieden een keus uit een aantal aanbieders en begeleiden
hun cliënten bij het bepalen van de juiste hypotheekvorm.
De hypotheek is gebaseerd op de
executiewaarde van het object dat als onderpand
dient. (Zie ook de pagina "Verkopen"). Bij financiering
van een woonboot werd vroeger gekeken naar de executiewaarde
van de (losse) boot. Onder normale omstandigheden heeft
de woonboot een dagwaarde (een prijs die voor de woonboot
met ligplaats betaald zal worden indien deze rustig verkocht
kan worden). Indien de woonboot gedwongen verkocht moet
worden (bijvoorbeeld omdat de eigenaar zijn of haar schulden
niet meer kan betalen), dan zal de verkoop minder geld
opleveren. Dit is de executiewaarde. De bank zal hierop
het maximum hypotheekbedrag afstemmen. Was voorheen de
aandacht gericht op de executiewaarde van de boot, tegenwoordig
wordt veel vaker gekeken naar de waarde van het te verkopen
object (=boot met recht op ligplaats, gebruik van tuin
e.d.).
Beperkingen voor belastingaftrek
werden enige tijd geleden ingevoerd door de belastingdienst,
waar het ging om leningen die bedoeld waren voor financiering
van andere zaken dan een huis (op de wal). Later is voor
de woonbootfinanciering een uitzondering gemaakt. Hiervoor
gelden de ingevoerde ongunstige beperkingen niet.
Van de financiering zijn de kosten
aftrekbaar voor de inkomstenbelasting, als de woonboot
dient als hoofdverblijf op een vaste ligplaats. De hypotheekrente
is aftrekbaar, maar ook de kosten voor het verkrijgen
van de lening kunt u opgeven. Bijvoorbeeld de taxatiekosten
voor aankoop (financiering) van de woonboot en de provisie
die u betaalt aan de bank en/of tussenpersoon.
Een inschrijving bij het kadaster
is een voorwaarde om een hypotheek te kunnen krijgen.
De woonboot wordt daar ingeschreven in het scheepsregister,
waar onder andere te achterhalen is of de verkoper ook
daadwerkelijk de eigenaar van het schip is. Het overdragen
van het eigendom van een ingeschreven woonboot is alleen
mogelijk bij een notaris of een beedigd scheepsmakelaar.
Vroeger was het daarbij noodzakelijk een meetbrief te
hebben. Daarin stonden de gegevens van de woonboot, zoals
die uit een meting verkregen waren. Tegenwoordig is een
meetbrief niet meer noodzakelijk voor woonboten. Het is
mogelijk uw woonboot te laten registreren bij het Kadaster
middels een teboekstelling. U kunt daarvoor terecht bij
een Kadastervestiging met scheepsregistratie. De kosten
bedragen ca. € 140,--.
Soms is het bij een koop niet duidelijk
of de betreffende woonboot is ingeschreven bij het Kadaster.
In een dergelijk geval biedt het Kadaster u de mogelijkheid
om een "uitgestelde teboekstelling" aan te vragen. Dit
houdt in dat een technisch medewerker Schepen van het
Kadaster, voordat het schip wordt teboekgesteld, een onderzoek
verricht naar het wel of niet aanwezig zijn van eventuele
brandmerken op het schip. De technisch medewerker geeft
zijn bevindingen door aan de desbetreffende Kadastervestiging
en brengt vervolgens het brandmerk aan op het schip als
geen bestaande merken zijn gevonden. Het voordeel van
een uitgesteld verzoek tot teboekstelling is het voorkomen
van een dubbele teboekstelling en dus meer rechtszekerheid.
Een goede verzekering van
de woonboot wordt vaak als voorwaarde gesteld door de
hypotheekverstrekker. Het risico is anders te groot dat,
als er iets met de woonboot gebeurt, de eigenaar de kosten
voor de hypotheek niet meer kan ophoesten.
Ook het hebben van een ligplaatsvergunning
is een voorwaarde bij het verkrijgen van een hypotheek.
Een bank of andere hypotheekverstrekker zal bij het maken
van een offerte er vanuit gaan dat er een sprake is van
een woonboot met een legale ligplaats met vergunning.
Vóór het passeren van de hypotheekakte (bij de eigendomsoverdracht)
wil de bank meestal zekerheid over het op naam van de
nieuwe eigenaar stellen van de ligplaatsvergunningen.
Soms neemt men genoegen met een kopie van de vergunningen
van de vorige eigenaar, met een mondelinge toezegging
van de betreffende instanties dat de vergunning overgeschreven
zal worden. Vaak eist men een schriftelijke bevestiging
van de betreffende instanties of zelfs de daadwerkelijke
vergunningen op naam van de nieuwe eigenaar.
Verschillende
hypotheekvormen zijn mogelijk voor woonboten, net
als voor huizen. Spaarhypotheken, aflossingsvrije hypotheken,
beleggingshypotheken, alle variaties zijn mogelijk. Bij
de diverse specialisten op dit gebied kunt u (ook op hun
sites) hierover vaak uitgebreide informatie vinden. Welke
vorm u het beste kunt kiezen hangt sterk af van uw persoonlijke
situatie (leeftijd, inkomen, beroep en dergelijke).
Bron: Woonbootplaza
|
 |